De adaptieve- versus de klassieke organisatie. Welke 7 kenmerken herken jij?

Mensen en organisaties moeten steeds sneller en krachtiger anticiperen op ‘niet-onderhandelbare’ marktontwikkelingen. Denk maar eens aan de snelle technologische ontwikkelingen, de concurrentie die de kop opsteekt en de wet- en regelgeving die wordt aangepast. Wil je als organisatie gezond bestaansrecht behouden dan heb je daarop te anticiperen en ook nog eens in een razend tempo.

Hoe herken je de organisaties die in staat zijn om heel snel en daadkrachtig in te spelen op veranderende omstandigheden? En wat zie je gebeuren in de klassieke organisaties waar dit niet zo vanzelfsprekend is? Wij hebben een aantal kenmerken voor jou op een rijtje gezet.

7 verschillen tussen adaptieve- en klassieke organisaties

De klassieke organisatie

1. Vergaderingen zijn zonde van de tijd. Er worden geen beslissingen genomen en er komt geen actie uit voort. Er wordt alleen informatie gedeeld om het delen of mensen zijn druk bezig met het oplossen van een crisis.

2. Elke vergadering begint te laat, wordt onderbroken door telefoontjes, er wordt veel bijgepraat en er zijn vaak mensen die vroeg weg moeten. Beslissingen kunnen niet eens genomen worden omdat niet iedereen aanwezig is.

3. Beslissingen worden niet tijdig gemaakt en de mensen die beïnvloed worden door de beslissing worden niet betrokken. Of er worden juist zoveel mensen betrokken dat er geen beslissing gemaakt wordt. En als er een beslissing gemaakt is dan wordt deze vaak weer ter discussie gesteld.

4. Mensen zijn meer geïnteresseerd in het negeren van het probleem of anderen de schuld geven dan zelf initiatief te nemen om problemen op te lossen.

5. De ‘non-performers’ worden nooit aangesproken op hun gedrag en de mensen die hun best doen moeten dubbel zo hard werken om alles voor elkaar te krijgen.

6. Het lukt niet om projecten te laten slagen omdat sommige afdelingen of managers constant in een machtsconflict verstrengeld zijn.

7. Verandering duurt eeuwig, er zijn zoveel mensen betrokken, iedereen mag input geven en hierdoor gebeurt er niets.

Versus

De adaptieve organisatie

1. Vergaderingen zijn er om problemen op te lossen, cruciale vragen te stellen, potentiële blokkades te bespreken en beslissingen te nemen.

2. Vergaderingen beginnen en eindigen op tijd. Mensen zijn voorbereid voor de discussies en iedereen houdt focus. Er zijn duidelijke afspraken om vergaderingen productief en respectvol te laten verlopen.

3. Mensen voelen zich nooit buitengesloten bij beslissingen die impact op hem of haar hebben. Besluiten zijn doelmatig, de voor- en tegenargumenten worden tegen elkaar afgewogen en er wordt helder gecommuniceerd over de beslissing. En bovenal, mensen steunen de beslissing nadat ze deze hebben gemaakt.

4. Problemen en conflicten worden aangekaart. Vingerwijzen wordt voorkomen en er blijft focus op de oplossing.

5. Bij een negatieve houding van een teamlid waarbij het presteren van het team in gevaar komt, wordt het teamlid hier zonder oordeel op aangesproken. Zonder oordeel omdat mensen niet perfect zijn, aangesproken omdat het behalen van het teamresultaat bovenaan staat.

6. Het managementteam is een eenheid en communiceert vanuit ‘one voice’. Het is voor iedereen helder wat de prioriteiten zijn en deze worden gesteund door de mensen in de organisatie ten behoeve van het organisatiebelang.

7. Als er verandering moet plaats vinden wordt de context van de verandering medegedeeld. De juiste mensen worden betrokken en de overige mensen vertrouwen erop dat deze mensen het organisatiebelang voor ogen hebben.

Zijn deze kenmerken voor jouw organisatie herkenbaar? Of wil je zelf graag weten hoe je in (één van) deze kenmerken een doorbraak kunt realiseren? Laat het ons weten!

Inspiratie ontvangen?

  • Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.

Connect met Rainmen

Linkedin

Nog meer inspiratie